Drie jaar geleden introduceerde Cádomotus de Marchese Record klapschaats. Een revolutionaire schaats, waarmee Bob de Jong direct Olympisch eremetaal greep. Niet lang daarna werden de eerste wereldbekerzeges en wereldtitels behaald op de Record. Waar staan we nu? Een driedelige serie over een spetterende introductie, doorontwikkelen en onzekere schaatsers.

1: Een unieke schaats
2: Wat zeggen de schaatsers
3: Voor wie is de Record geschikt 

Artikel 3: Voor wie is de Record schaats geschikt?

Veel topschaatsers hebben er op getest. Sommigen werden er ongekend succesvol mee, enkelen reden erop en stapten er toch weer vanaf en voor sommige schaatsers werkte de schaats gewoon helemaal niet. Zo gaat dat. De ideale schaats voor iedereen bestaat simpelweg niet.

Bob de Jong was vanaf moment één overtuigd. Net als Mariska Huisman, Ivanie Blondin en bijvoorbeeld de meest succesvolle marathonschaatsers ooit, Jan Maarten Heideman. Lichtvoetige schaatsers, die tijdens een wedstrijd op de spaarstand kunnen rijden en als het moet in een paar ronden kunnen toeslaan met een venijnige versnelling.

Benjamin Macé en Bart Swings leerden schaatsen op de Record. Jonathan Kuck is ook een voorbeeld van een schaatser die er op reed (tweede werd op de wereldkampioenschappen allround), maar er toch weer vanaf stapte. In eerste instantie zocht Kuck wat hij vond. De jongeling die shorttrack en langebaan combineert en bovendien weinig op het ijs staat vanwege zijn studie, kon altijd terugvallen op de stabiliteit van de schaats.

Marchese schaatsen onder de voeten van menig Worldcup schaatser

Als een Formule1-coureur moet je aan de slag met je chassis.

Het mooie en tegelijkertijd moeilijke van de Marchese Record is dat je hem helemaal moet afstellen. Als een Formule1-coureur moet je aan de slag met je chassis. Waar zoek je stijfheid, waar flexibliteit? De hele nieuwe schaatservaring zorgt ervoor dat ook je standaardpatroon van bending en ronding helemaal over boord kan. En dat vergt tijd en vertrouwen.

Tijd is er weinig in een seizoen waar de World Cups en kampioenschappen zich weekend na weekend aaneenrijgen. Vertrouwen is fragiel. Schaatsers klampen zich vast aan ‘het gevoel’, iets dat je een testperiode soms even zou moeten kunnen uitschakelen. Een andere schaats betekent een aanpassing in je coördinatie, je vaste bewegingspatroon. Veel schaatsers en vooral ook coaches, durven dat risico niet te lopen in aanloop naar een seizoen en dat is begrijpelijk, maar tegelijk moeilijk te verkroppen. Want op de langetermijn is veel winst te boeken als je investeert in je materiaal.

Vernieuwing gaat langzaam. De klapschaats werd al in de jaren ’80 van de vorige eeuw getest, maar pas eind jaren ’90 gebruikt door de toppers. Eerst alleen de dames, want de mannen zouden zogenaamd de scharnieren kapot kunnen trappen. En bij de opening zou je teveel tijd verliezen.

Inmiddels zijn alle wereldrecords gebroken, ook die op de 100 meter. Toch waren er ook toen schaatsers die nog weer teruggrepen op de vaste schaats, totdat ze herhaaldelijk werden geconfronteerd met de voordelen van de klapschaats en niet anders meer konden. 

Het verschil tussen de Marchese Record en de topmodellen van Maple en Viking is niet zó groot, maar in de basis wel hetzelfde. Het vergt een open mind, herhaalde bevestiging en een aanpassing in je bewegingspatroon om er definitief verslaafd aan te raken.

Vernieuwing gaat langzaam.

Marchese blades are Bob de Jong's weapons

This post was posted in CadoMotus

1 Response to Marchese in de afgelopen drie jaar. Deel 3-3: Voor wie is de Record geschikt

Pieter says:

Ik schaats nu voor het derde seizoen op Marchese Record en die dingen zijn fantastisch, het beste wat ik ooit
heb gehad. Het verschil met andere merken is aanzienlijk mbt sturing, stabiliteit en druk , komt nog bij dat het
staal van bijzonder hoge kwaliteit is . Ik was aanvankelijk een beetje huiverig vanwege het "nieuwe" en de hoge prijs
maar achteraf is het dat meer dan waard.